OVP en het recht /de regels/leidraad etc


In 1983 werden door een particulier 32 Heckrunderen in een openbaar gebied uitgezet in de OVP en in 1984 20 konikpaarden en daarna nog eens 44 edelherten. Dit alles blijkt zonder toestemming gebeurd te zijn. Waarom is dit zomaar toegestaan? En waarom is hier nooit een klacht voor ingediend?  In de huidige wetgeving is het zich ontdoen van een dier verboden en dus strafbaar! 

e grazers vallen onder het zorgplicht van de wet natuurbescherming: 
artikel 1.11  

1Een ieder neemt voldoende zorg in acht voor Natura 2000-gebieden, bijzondere nationale natuurgebieden en voor in het wild levende dieren en planten en hun directe leefomgeving.
2De zorg, bedoeld in het eerste lid, houdt in elk geval in dat een ieder die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat door zijn handelen of nalaten nadelige gevolgen kunnen worden veroorzaakt voor een Natura 2000-gebied, een bijzonder nationaal natuurgebied of voor in het wild levende dieren en planten:
a.dergelijke handelingen achterwege laat, dan wel,

b.indien dat achterwege laten redelijkerwijs niet kan worden gevergd, de noodzakelijke maatregelen treft om die gevolgen te voorkomen, of

c.voor zover die gevolgen niet kunnen worden voorkomen, deze zoveel mogelijk beperkt of ongedaan maakt.

en de Wet Dieren artikel 2.1

artikel 2.1
Artikel 2.1. Dierenmishandeling
1Het is verboden om zonder redelijk doel of met overschrijding van hetgeen ter bereiking van zodanig doel toelaatbaar is, bij een dier pijn of letsel te veroorzaken dan wel de gezondheid of het welzijn van het dier te benadelen.
2Tot de in het eerste lid verboden gedragingen worden in ieder geval gerekend:
a.een dier arbeid doen verrichten die kennelijk zijn krachten te boven gaat of waartoe het uit hoofde van zijn toestand ongeschikt is;

b.een koe met overvolle uier vervoeren of op een markt of openbare verkoping ten verkoop houden;

c.bij de verlossing van een koe gebruikmaken van dierlijke trekkracht of van een niet daarvoor toegelaten krachttoestel, en

d.een hond als trekkracht gebruiken met uitzondering van de sledehondensport, voor zover toegelaten.

3Bij algemene maatregel van bestuur kunnen voorts gedragingen worden aangewezen die in ieder geval worden gerekend tot de verboden gedragingen, bedoeld in het eerste lid.
4Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld voor een toelating als bedoeld in het tweede lid, onderdeel c en d, of voor de bij algemene maatregel van bestuur, bedoeld in het derde lid, aangewezen gedragingen.
5Van de krachtens het derde lid aangewezen gedragingen kan, al dan niet in daarbij aangewezen gevallen, deel uitmaken het gebruik van voorwerpen die bij dieren pijn of letsel kunnen veroorzaken, dan wel de gezondheid of het welzijn kunnen benadelen.
6Een ieder verleent een hulpbehoevend dier de nodige zorg.
7Het bij en krachtens het eerste tot en met het zesde lid bepaalde is tevens van toepassing ten aanzien van andere dan gehouden dieren.
De zaak dierenbescherming tegen SBB https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:GHSGR:2007:AZ9246
De zaak Stichting Dieren tegen SBB https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:GHARL:2017:3122

Zorg en zorgplicht https://www.parlementairemonitor.nl/9353000/1/j9vvij5epmj1ey0/vi3ahx8ksix2

3 opmerkingen: 
1/ de beheerder moet in  kunnen schatten wat de draagkracht is van het terrein. Dit is zeker over een ... tal jaren verkeerd ingeschat, gezien de hoge aantallen sterfte over de laatste ... jaren. 
2/ het bijvoeren is uitgesteld tot op het laatste moment. Eén reden is om het natuurlijke proces van vermagering/vervetting  op z'n beloop te laten gaan en om de aantallen dieren niet te hoog te laten oplopen aangezien de draagkracht van het geied al te klein is gebleken.  De reden gegeven door de beheerder om tot voeren over te gaan was omdat de beheerder werd bedreigd. Maar volgens de leidraad had de beheerder al eerder tot bijvoeren over moeten gaan gezien de weersomstandigheden van deze winter. het grote aantal doden is dus het gevolg van ingebreke zijn met het gestelde van de leidraar als de weersomstandigheden dat vraagt. dat was in 2017/2018 het geval. De beheerder is in 
3/ geschreven in 2010 : De verwachting op grond van het model dat is opgesteld voor de Oostvaardersplassen, is dat de toename van de populatie grazers zal afvlakken op het moment dat de draagkracht van het terrein wordt genaderd. Op basis van dit model is de verwachting dat er in de Oostvaardersplassen over 10 jaar (dus 2010) sprake zal zijn van tamelijk constante aantallen runderen en paarden. Ondanks dat er wordt gesteld dat de ontwikkeling in de praktijk nauwlettend wordt gevolgd door de beheerder, gesteund door de begeleidingscommissie voor dit terrein moet men gezien onderstaande grafiek constateren dat vanaf 2010 ondanks een piek in 2014 en 2017 het aantal grazers relatief is afgenomen met een signifikanie daling dit 2018. Dit betekent dat er moet worden uitgezocht wat de oorzaak hiervan is. Ligt dit tevens aan de kwaliteit van de begraafbare oppervlaktes (dus het voer), aan inteelt, aan plootselinge ziekte?